Kilometervergoeding

Er gaat iets structureels mis in Nederland met de overheid. De stapel lege beloftes en holle woorden wordt toren(tje) hoog. Neem, bij voorbeeld, de principe van indexering.

Sinds 1 januari 2007 is de huidige belastingvrije kilometervergoeding van 0,19 euro cent van kracht. Wat voor 2005 gold was een reiskostenforfeit en per 1 januari 2005 is een nieuw systeem ingevoerd: de kilometervergoeding, verlaagd van € 0,28 / km naar € 0,18 / km. Twee jaar later kwam er dus een verhoging naar € 0,19 / km waar het is blijven staan.

Zeg maar eerlijk: welke prijzen staan blijven staan op het niveau van 2007? Ik weet dat verzekeringskosten en brandstofskosten wel omhoog zijn gegaan in die periode, en veel meer dan de stijging van mijn inkomsten!

In de Tweedekamer heeft Staatssecretaris Van Rij van Financiën vandaag gezegd dat: “iedere cent verhoging van de vergoeding kost de schatkist zo’n 130 miljoen euro”. Hij heeft vast wel gelijk, maar redeneert alleen vanuit het handhavingsprincipe.

Het is te gemakkelijk om minimloon tarieven, uitkeringen en pensioenen, en dingen als de belastingvrije kilometervergoeding elk jaar opnieuw te begroten op de winst voor de staatskist in plaats van de streep, de gekozen voet, elk jaar opnieuw te beoordelen volgens dezelfde criteria.

Het gedachtegoed van vooral de VVD is dat men zelf omhoog moet (kunnen) klimmen, en dus het uitblijven van indexering makkelijk kunnen bijbenen. Zolang de VVD een meerderheid van kiezers achter zich weet te scharen blijft die illusie bestaan. Van een gelijke speelveld is totaal geen sprake.

Indexering is een recht, niet een droom. Hoe kan ik vooruit plannen als ik nu al weet dat mijn staatspensioen de stijgingen van huisvesting, levensbehoeften en vervoer niet zal bijbenen? In de Tweedekamer moeten keer op keer opnieuw moties komen om de regering op te roepen achterstanden in te halen, die vervolgens worden afgewimpeld als te duur of te complex – en daar blijft het bij! Want – laat hier geen misverstand over bestaan – Nederland heeft zich hierover al uitgesproken bij wijze van de verkiezingsuitslag en de navolgende coalitieonderhandelingen.

Misschien moet de volgende nieuwe politieke partij ‘Index’ heten!

Vrije voet

Al een tijd is bekend dat het aantal mensen die in armoede leven in Nederland fors is gestegen. Daar komt bij dat huur prijzen torenhoog zijn en de voorraad historisch laag. Nu krijgen we te maken met inflatie waarbij zowel energie en brandstof als voedsel fors duurder worden.

Het wordt tijd dat de regering kwam met een ingrijpende verandering van de belastingtarieven en uitkeringsbedragen. Een eerlijke vergelijking van de bedragen mensen dienen te kunnen overhouden nadat ze huisvesting en basis behoeftes hebben betaald met die van, zeg, 30 jaar geleden zou snel een antwoord moeten geven.

Zelf zou ik snel de belastingvrije voet drastisch verhogen, samen met een bijstelling van de laagste belastingtarief. Wanneer dit teveel voordeel geeft voor mensen die het niet nodig hebben – de echte rijken – kan altijd aan hun tarieven gesleuteld worden.

Ik hoef niet ten koste van de Staat in luxe te leven, maar had verwacht dat mijn AOW met een klein aanvullende pensioen voldoende zou zijn om mijn huisvesting en eten te kunnen dekken, maar dat dreigt binnenkort niet meer het geval te zijn. Dat kan toch niet in zo’n rijke land als Nederland gebeuren?

Challenge to the peace of Europe

For the last week we have been treated to tragic pictures of an active war in Europe. Baby boomers like me grew up with the increasing hope that sufficient political effort was being put into preventing war in Europe again. There was a hiccup during the Cuban missile crisis, but imminent danger was averted and the world breathed a sigh of relief.

The United Nations and the European Union have done their best to short-circuit the tensions which can otherwise lead to war. In the current conflict between Russia and Ukraine the EU is not directly involved, and neither is NATO as yet. The United Nations may be a platform for all nations of the world to air their views but Russia has a permanent seat on the security council and can veto any motion sanctioning their aggression. It should be noted that both India and China have not used their vetoes for once and simply abstained.

Indeed, virtually the whole world has condemned in one form or another the invasion of a sovereign state by its much larger neighbour.

Russia has indirectly reminded the West that they have nuclear weapons and could be provoked to use them, but as yet other nuclear powers have not announced an increase in the threat level. We all know that as soon as one nuclear missile is launched, opposing powers will almost certainly reply in kind in the bat of an eyelid.

In the space of a week, our peaceful lives have gained a worrying edge to them. Vladimir Poetin is not someone to accept losing face, even when his target of regime change doesn’t end successfully. He can wreak destruction in a country but that doesn’t automatically break the spirit of the people there. This is no longer about addressing supposed genocide or securing a buffer state; Poetin wants to rewrite history and only his interpretation applies.

Faced with a mission that is not going according to plan, he will become more unpredictable than ever. Nobody can guarantee that he will not launch a nuclear attack, and that should worry us all. Major cities and infrastructure in Ukraine have been devastatingly attacked in the course of a week and none of us knows what the next week will bring. Unless Poetin takes a step back – or is forced to – we can only fear for the future of peace in Europe and await further death and destruction in Ukraine.